Category: default

30 11 09 - 16:43

't is mich get en neet veul

't Is mich get wah,' zegt dokter B, terwijl hij me onderzoekend aankijkt.
Mijn gezicht verschiet van moedeloos naar een schaterlach als ik moeizaam plaatsneem op de onderzoeksbank.
Dokter B is er namelijk geen van hier.
Het is een rasechte Hollander die maar één zinnetje Limburgs kan: 't is mich get wah. Het is me wat hè.
En klinkt nergens naar. Maar dat weerhoudt hem er niet van het heel vaak te zeggen.
'Het wil maar niet vlotten, met dat Limburgs hè,' grinnik ik.
Ik wurm mijn jurk omhoog voor de standaard controle.
Dokter B kijkt me verward aan. Ik denk dat ik de eerste patiënt in zijn loopbaan ben die grapjes maakt over zijn Limburgs.
Of misschien wel de eerste patiënt die grapjes maakt in het algemeen.
Hij stottert ervan.
'Maar maar ik doe ook eigenlijk niet mijn best,' zegt hij een beetje verbluft.
'Oh nee?' grinnik ik.
Dokter B port in mijn buik en mompelt nog wat na.
'Red je het nog met de pijn of gaan we inleiden?' vraagt hij dan.
Ik schud mijn hoofd. Hoeveel pijn ik ook heb. Nee. Niet inleiden.
'Ga ik je strippen?' vraagt hij door.
Ik twijfel. En voel tranen opkomen. Ik schuif mijn benen met veel moeite naar de rand van het bed.
Dokter B peilt mijn blik. 'Volgende week?'
Ik knik opgelucht.
't Is mich get wah,' zegt dokter B.
't Is mich get,' zeg ik.


Category: default

28 11 09 - 15:31

De paradijstuin

'Mamaaaaaa, wanneer gaan we nou beginnen?' jammert Dochter in mijn oor.
Ik schrik op uit mijn middagdutje.
Oja.
De adventstafel.
Dat had ik beloofd. Die zouden we samen gaan maken.
Van de Sint kreeg het dametje vanochtend een adventkalender in haar schoen en de belofte aan geheimzinnige vakjes met chocolade erachter maakt haar al een halve dag gek van opwinding.
Die hele advent moet toch wel het summum zijn.
We maken niet echt een traditionele adventstafel maar gebruiken de traditie van De paradijstuin als basis.
In het vroegere Tjecho-Slowakije bestond in het begin van vorige eeuw de traditie om met kerst een paradijstuin onder of naast de kerstboom te maken. Alle vier de rijken: stenen-, planten-, dieren- en mensenrijk worden vertegenwoordigd. Het is de bedoeling om de paradijstuin gedurende de vier weken van de advent op te bouwen en uit te breiden.
In de eerste week begin je met de lakens. De basis is een nachtblauwe doek met sterren erop. Strosterren zijn het mooist. Toen ik vorige week in Duitsland was, had ik ze in mijn handen maar heb ze niet gekocht. Nu spijt. Ik heb sterren uit gele stof geknipt. Erover heen leg je groene stof en wat nepsneeuw. Dan bouw je daarop met stenen en mineralen het stenenrijk. Plunder daarvoor de collectie van je ouders.
In de tweede week maak je de tuin groen. Een platte schaal wordt een vijver, leg er wat mos op en verspreid dennengroen ertussen. Van crêpe-papier kun je papieren rozen maken. Knip drie rondjes, verschillend in grootte, verfrommel ze wat en draai er een puntje aan. Nietje erin en klaar. Hoeft lang niet netjes.
In de derde week van de advent komen de dieren erbij. Dat kan van klei maar van wol is ook leuk, vind ik zelf. Of je haalt de dieren van de kerstgroep er al bij.
En dan, in de laatste week, het is nu bijna kerstmis, komen de mensen erbij. Eerst de herders op het veld, de drie koningen en op het laatst Jozef en Maria.
In de kerstnacht kan er een ster verschijnen en steken we kleine kaarsjes aan die overal tussen het groen staan.
Ik ben iets afgeweken van de traditie. Ik heb alles in één keer gemaakt, mijn hormonen laten het niet meer toe om een on-af tafeltje te hebben staan. Bovendien heb ik geen waxinelichtjes tussen het groen geplaatst maar heb ik grote adventskaarsen gebruikt, waarvan ik er iedere zondag een meer zal aansteken tot aan kerst.
Zoals we dat vroeger thuis deden.
'Het is prachtig,' verzucht Dochter, diep onder de indruk, als we klaar zijn.
Ze zet het wollen schaapje nog een keer extra recht en drukt nog een dennentakje in de oase.
Zo'n verrukt gezichtje.
Van esthetiek en warme traditie.
Ik hoop dat ze zich dit herinnert, later, als ze groot is.

Meer weten over de paradijstuin en tradities bij advent: www.zonnejaar.nl.


Category: default

27 11 09 - 11:12

118 centimeters aan identiteitscrisis

Ja, ik weet het.
Jullie willen een logje.
Nee, dat zeg ik niet goed. Jullie willen helemaal geen logje, jullie willen een baby.
Dik, vet spetterend babynieuws met grote hoofdletters en een foto met nog bloed eraan en een naam en doopnamen en dat jullie daar dan allemaal over kunnen gaan praten en onderhands roepen die náám, wat een idiote náám! Wie verzint er nu zo'n náám! en oeioei, wat een dikke baby, heb je die onderkinnen gezien.
Jaja.
Zoals de waard is enzovoort.
Maar goed.
Momenteel is er dus nog geen baby.
Momenteel verkeer ik een beetje in een identiteitscrisis.
Ja, ik zou ook liever baren ja, maar het is nu eenmaal niet anders.
De identiteitscrisis behelst dat ik mezelf nogal dik vind momenteel.
'Ik ben dik,' zeg ik vijf keer per dag zeer treurig tegen Man.
'Ehm,' zegt Man dan.
Want ja, hoe reageer je als man op zo'n mededeling? Ontkennen kan niet. Be-amen is spelen met je leven.
Man is zeer diplomatiek. 'Je bent lang zo dik niet als bij de vorige zwangerschap,' sust hij.
Ik kijk mistroostig naar mijn buik. Lang zo dik niet als bij de vorige zwangerschap? Ik waag het te betwijfelen.
In Dochters plakboek zit een briefje waarop ik mijn buikomvang heb geschreven, zo rond de 38 weken.
110 centimeter staat erop.
'Geef me eens het meetlint,' zeg ik tegen Man.
Man aarzelt zichtbaar. Hij zoekt langdurig en omstandig in de naaimand. Ik zie denkwolkjes met uitvluchten boven zijn hoofd.
Met onverholen tegenzin geeft hij me het lint.
Ik span het om mijn buik.
118 centimeter.
Ik hap naar adem.
'Maar het is nu echt alleen je buik!' roept Man paniekerig. 'De vorige keer was je overal dik! Je hoofd en je armen en je buik was een vormeloze massa en nu is hij zo mooi rond en recht van voren en nee, echt! Je bent nu echt heel mooi!'
'118 centimeter!' brul ik. '118 snotverdoriese centimeters!'
'Ach liefje,' troost Man. 'Je bent zó mooi...'
Dan pakt hij het lint en spant het om zijn eigen buik.
Snotterig kijk ik toe.
1 meter. Exact.
Mans buikomvang is 1 meter.
'Potdomme,' zucht Man geschokt. '1 méter?' 1 méter? Dat kan toch niet!'

Damn.
Ik voel me meteen een stuk beter.

Tot 118 centimeter in 38 weken.
Ik denk dat het een record is.




Category: default

24 11 09 - 10:46

Wel een bedzeil, geen baby

Ha ha. U dacht zeker dat ik al bevallen was.
Ja.
Ik ook.
Maar toen ik vanochtend omlaag keek, zat hij er gewoon nog. De buik.
Snotdorie.
Nu heb ik maar besloten dat ik het niet meer doe. Dat hele gezwanger. Ik schei ermee uit. Klaar. Basta. Ik doe het al negen maanden lang en wat levert het op? Nou, vooralsnog niks.
Ja, een bedzeiltje, een zweterig vies bedzeiltje onder de matrashoes, dát leverde het op.
En haar dat niet wil zitten.
En dat ik niet meer met Man onder de douche pas. Terwijl we een kingsize douche hebben.
En een raar soort vorm van schizofrenie.
Oh nee, echt, ik ben een soort van schizofreen aan het worden.
Bijvoorbeeld.
Zo denk ik aan de ene kant heel hard: laat dat kind maar komen. Hop, eruit ermee. Bij ieder krampje sta ik rechtop en denk ik heel hoopvol dat de weeën begonnen zijn. Als ik kon rennen, ging ik heel hard een marathon lopen om het geheel wat te bespoedigen.
Maar dan die andere kant. Aan die andere kant zit ik in een roesje. Een droomcocon.
'Tot volgende week woensdag!' zeggen mijn schoonouders terwijl ze in de auto stappen. 'Als we al niet eerder op kraamvisite komen,' voegen ze er glimlachend aan toe.
Dan schrik ik me kapot hè.
Kraamvisite? KRAAMVISITE? Hou op man! Wie heeft het hier over kraamvisite? Dat involves een baby! Oh hemel, een baby! Mensen verwachten van me dat ik een baby krijg!
Nee, laat mij nog maar even rondzwangeren. Ik ben daar nog heel niet aan toe.
Of die andere schizofrene gedachte.
Zo denk ik de hele dag aan ons baby'tje.
Dan lig ik tegen mijn rekje aangeplakt en droom zoete dromen over ons kindje. Dunne, zijdezachte zwarte haartjes heeft het. Het lijkt op Man als baby. Fijne gelaatstrekken en een zo'n in elkaar gevouwen lijfje, de beentjes onder de buik getrokken. Klein, kleiner dan een pasgeboren Dochter is het.
Maar zitten Man en ik in het ziekenhuis, tijdens de ellenlange wachtsessies voor Dokter B, dan zien we daar een maxi cosi staan met een vers afgeleverd kindje.
Ik werp een blik tussen het dekengetoddel en zie een piepkleine baby.
'Zo een wil ik niet hoor,' fluister ik geschokt tegen Man. 'Die is me veel te klein!'
En dan hebben we ook nog de schizofrenie van de pijn.
Voel ik een pijnscheut door mijn buik trekken, denk ik: 'Halleluja, we zijn begonnen! Kom maar door met die pijn, meer pijn, ik wil veel pijn, geef me pijn.'
Maar zit ik rustig op de bank naar Boer Zoekt Vrouw te kijken dan denk ik weer: ja doei, nu even niet hoor. Ik moet nu even kijken hoe dronken Hanneke is. Geen tijd voor weeën.
En ook een beetje dat ik soms denk aan de bevalling van Dochter en dat ik denk: oh nee. Het gaat pijn doen. Heel erg pijn.
Flikker maar op, daar doe ik niet meer aan mee.
Laat dat kind maar lekker zitten.

Goeoeoed.
Wat ik dus wilde zeggen.
Ik stop ermee, met die hele zwangerschap.
Klaar.
Het wordt me wat te gortig allemaal.




Category: default

18 11 09 - 17:33

Het echte leven van Octavie W

'Ik ben blij dat je in het echt anders bent dan op je log,' verzuchtte laatst iemand tegen me.
Ik grinnikte ervan.
'Ja, gewoon, niet zo roze en lief en schattig en dat alles altijd maar leuk is. En dat je ook gewoon kunt vuilbekken en vloeken en over gore seks en piemels en zo kan praten.'
Ik schoot in de lach en deed wat vage uitleg over image en zakelijke meelezers.
Maar het zinnetje zong nog lang na in mijn hoofd.
Gisteren moest ik er ineens weer aan denken.
Het was zo'n dag.
Snotmiljaar, wat een dag.
Eerst kwam Dochter thuis uit school met een humeur van heb ik jou daar. Ze deed haar jas uit en stormde zonder een woord naar haar kamer. Daar heeft ze vervolgens exact een uur staan schreeuwen. Tieren, brullen, krijsen. Waarom? Wist ze niet. Toen ik me omhoog had gehesen vanaf mijn rekje en richting trapgat informeerde of ze nog thee kwam drinken, was de gekrijste mededeling slechts: 'Ik eis excuses!'
'Maar waarvóór dan?' vroeg ik hooglijk verbaasd.
Het antwoord bestond uit gegrom.
Woest gegrom.
Dat even later weer over ging in giftig gebrul.
Temperamentvol. Zo noemden ze haar op het consultatiebureau altijd. Het is een temperamentvol meisje.
Met zo'n zoete zweem in de stem hè. Waarvan je als moeder denkt: rot toch op man, jij zit er niet mee. Temperamentvol my ass. Het is gewoon een etterbakje. Achter het behang ermee.
Goed.
In de tijd dat Dochter de longen uit haar lijf stond te krijsen, had ik een soort van issue met Marie.
Marie doet nogal moeilijk met eten. Brokken worden stuk voor stuk voorzichtig met de lipjes uit de voerbak gesleept en onder de keukentafel, na grondig gesnuffel pas verorberd. Ieder brokje moet koosjer zijn, anders vreet de koninklijke hoogheid het niet. Geef je haar een stuk worst dan laat ze het ding eerst vijf keer uit haar mond rollen, ruikt ze eraan met een blik alsof we haar vergif voeren en bijt het dan in drie miljard stukjes om die vervolgens heel voorzichtig op te likken.
Allemachtig. Dat is toch geen hond. Dat is een sheba-kat met een jasje.
Maar.
Andere zaken daarentegen, daar heeft Marie zo te zeggen niet zo'n moeite mee, om in de bek te nemen.
Zo vreet ze het liefst van al potgrond. Met een sausje van bedorven groen water. En gisteren ontdekte ze dat de verkoolde houtjes uit de vuurkorf ook werkelijk een delicatesse zijn.
Met een zwarte bek kwam ze al knagend op een stuk houtskool binnen.
Ze keek er zeer vergenoegd bij.
Vijf minuten en heel wat gemopper later, keek ze ineens niet meer zo olijk.
Er moest dringend gekotst worden.
Ja, allicht. De spetters zaten tegen de bank.
Dus ja.
Niet alles in mijn leven is roze en schattig.
Dat u het weet.
En het volgende logje zal ik vloeken en over gore seks en piemels praten.


Category: default

17 11 09 - 15:57

Het bretellenjurkje en de erfelijkheid van ervaringen

En toen was het zover. Het spielerische bretellenjurkje zou dan eindelijk genaaid gaan worden.
Mijn moeder knipte wat voor- en achterpanden uit krantenpapier en mat Dochter in het voorbijgaan van borst tot bovenbeen.
Ik zat er met mijn bemoeierige neus bovenop en gaf aanwijzingen over de mate van gerimpeldheid, de lengte van het borststukje, de lichte golf die in het achterstukje moest zitten.
Mijn moeder rolde met haar ogen.
Toen er afgepast moest worden was het tijd jengelens.
'Ik wil niet passen,' brulde Dochter en ze rende pesterig naar de gang.
'Aaah, toe nou, pas nu even, dan krijg je straks een mooie jurk,' vleiden mijn moeder en ik, onze wangen smekend tegen de gangdeur geplakt.
'Nee!' gilde Dochter vanuit haar hidingplace. 'Nee! Daar zitten spelden in!'
'Oh man,' kreunde mijn moeder gepijnigd. 'Dat ik dit nu nog een keer mee moet maken.'
Want ik schijn als kind exact hetzelfde gedrag vertoond te hebben bij afpasgelegenheden.
Het zal wel iets genetisch zijn.
Of mijn moeder was al nooit zo goed in het uithalen van spelden. Dat kan natuurlijk ook.
Ik kan me nog een voorvalletje herinneren dat ik een nieuwe jurk aan had, zelfs al een keer gewassen, waar stiekem nog een gemeen speldje rechtop instak.
Recht in mijn tere kleutervodje.
Hee, misschien heb ik die traumatische ervaring wel doorgegeven. Als in erfelijkheid van ervaringen.
Goeoeoed. Te ver, ik ga te ver.
U bent natuurlijk vreselijk benieuwd naar de jurk. Snap ik.
Dochter wilde wel op de foto, maar dan alleen als ze de styling zelf mocht verzorgen.
Dus u ziet naast de nieuwe jurk een nieuw mutsje, gebreid door omaoma van de boerderij, een groenig cadeaulintje daarbovenop gestrikt en een zeer avantgardistisch strooikapsel.
Wie is Holland's Next Ueberstylist?
Juist!
Weg met dikke Bas!


(Oja, technische details: het rokje is een ballonrok, dus alles is dubbel. En hoewel ik fel anti-tricot ben in kinderjurken en -rokken, is dit dus eh, ja, tricot. Het was de beste optie qua soepelvallendheid en het pakte gelukkig erg goed uit. De achterkant van het bovenpand is niet recht maar in een golfje geknipt, de achter-bretels zitten vastgenaaid. En nee, er is geen patroon van.)


Category: default

15 11 09 - 17:34

Zo ziet dat er dus uit, zo'n buik van 37 weken

Want 37 weken dat ben ik.
Nu ja, volgens de officiële telling bijna dan. Woensdag.
Volgens mijn eigen telling ben ik al 37 weken en 1 dag.
Ik hield de uitgerekende datum aan die op de eerste echo's stond. Dokter B hield zich aan het protocol: eerste dag van de laatste menstruatie.
Ik vond mijn telling fijner. Want zo leek de tijd sneller te gaan.
Maar ja, nu de deadline nadert, zit ik met de gebakken peren; vier dagen die steeds maar overblijven en die zich maar oervervelend aan je blijven opdringen.
Ik kan ze wel weg kíjken.
Als saaie visite die blijft plakken op je verjaardagsfuifje.
Hoe dan ook.
Het einde is in zicht.
En het wordt tijd.
Want dat vieze thuiszorgrekje, ik kan het niet meer zien.
En ik wil nu wel eens weten wie ik uit aan het broeden ben.



Category: default

13 11 09 - 10:05

Het ziekenhuistasje

In alle zwangermagazines en bevalbijbels staat het met dikke, dreigende letters:
Zet vanaf week 37 je ziekenhuistasje klaar.
'Dat bedoelen ze vast overdrachtelijk, dat van dat tasje,' zeiden Man en ik vijf jaar geleden, toen Dochter moest komen, tegen elkaar.
En we lachten er een beetje bij.
We vonden het nogal een idioot idee om babykleertjes in een tasje te gaan stoppen.
Ik bedoel: babykleertjes! Haha! Dan zou het net lijken of er een baby ging komen.
En daar konden wij ons niks bij voorstellen.
Het idee. Wij. Een baby. Ha ha!
Nee, ik zou vast voor eeuwig met die dikke buik rondlopen.
En dus lag ik op een dag te bevallen.
De verloskundige constateerde met haar hand in mijn baarmoeder dat ik naar het ziekenhuis moest.
'Snel, pak het ziekenhuistasje, we moeten gaan,' beval ze Man.
Waarop Man haar tamelijk idioot aankeek en wat nerveus met zijn ogen knipperde.
'NUUUU!' bulkte ik vanuit een wee.
En die arme Man graaide een sporttas en kon van de zenuwen mijn ondergoed niet vinden. En ook geen shirtjes. En ook geen pyjama's.
Maar dat kwam omdat ik geen pyjama's had.
En zo lag ik in mijn kraambed in een oversized boxer van Man. Met gulp.
En een vaal en vormeloos shirt van Man. Waarop heel groot in afgewassen textielmarker zijn naam stond. Was een studentengrapje.
De verpleegsters keken een beetje raar naar me, dat wel.
Hoe dan ook, nu heb ik een keurig netjes ziekenhuistasje. Met een pyjama-achtige broek, die kocht mijn moeder voor me.
Want, zo zei ze met afgrijzen op haar gezicht: 'Je kan echt niet meer zo voor schandaal liggen als vijf jaar geleden.'
Het had haar nogal dwars gezeten denk ik.
Ja, ik kan wel zeggen dat we gegroeid zijn, in de loop van de jaren, Man en ik.
Ik heb een pyjama met ruitjes, Man heeft geen studentenshirts meer maar draagt pantalons, we doen aan een ziekenhuistasje.
Gisteren kwam Man ook nog eens thuis met een stel dikke vette babycadeau's van zijn internationale collega's.
Ik bedoel: internationale collega's! Het wordt nog eens wat met ons.
Een mooie platte doos uit Amerika, met Macy's erop en een zomerpakje erin. En een tasje uit Taiwan met schoentjes.
Verschrikkelijk lelijk hoor, dat wel. Op het kamp zouden ze er nog van schrikken, zulke kitschkraam.
Maar toch.
Ik ben trots op ons.
Eindelijk zijn we dan burgerlijk.
We made it. De hemel zij geprezen.




Category: default

10 11 09 - 11:49

Geboortekaartjespaniek

En toen dacht ik: ik maak eens een fijn lijstje met mensen die allemaal een geboortekaartje mogen straks.
Je moet ergens beginnen, ten slotte. En als het niet aan het kaart-ontwerp zelf is, dan maar aan dit soort klusjes.
Ik graaide in mijn la met post-benodigdheden en trok er iets uit wat ooit mijn adressenboekje was.
Ja, ik heb een adressenboekje ja. Van papier. Ik schrijf mijn adressen nog zelf op een envelop. Daar ben ik heel principieel in.
Ooit. Want Marie had het te pakken gekregen en er zijn gretige puppytandjes in gezet. Overal fladderden afgekloven pagina's uit. En hier en daar ook de talloze adreswijzigingen die ik nooit had bijgeschreven, alsmede voddige papiertjes met wat gekrabbel en een hoop verhuisberichten.
Goed. Dit was dus het moment waarop de kosmos mij strafte voor mijn slordigheid van de afgelopen jaren.
Ik onderging het lijdzaam.
Eigenlijk was dit de reden waarom ik baby 2 zo lang had uitgesteld.
Vanwege de erbarmelijke staat van mijn adressenbestand en het uitzicht op dit exacte moment.
Hoe dan ook. Het lijstje ligt nog on-af op de keukentafel. Geen zin meer.
Ik hoop echt van ganser harte dat u straks een geboortekaartje in de bus hebt.
En verder. Was ik weer eens bij good old dokter B.
Eerst werd ik langs een goedmoedige co-assistente geloodst die in mijn buik ging porren.
'Is de baby groter dan gemiddeld?' vroeg ik benauwd.
Als het even kan wil ik namelijk nu een beschaafd maatje kind baren. Een M in plaats van een XXL.
De co-assistente voelde, zette een glazige blik op en zei diplomatiek: 'Het kind ligt goed op groei.'
Ja, wat moet je dáár nu weer mee?
Ik ondernam een tweede poging bij dokter B en zijn heilige echo-machine.
'Is het een groot kind?' vroeg ik andermaal, turend op het scherm.
'Nou, zonder ook maar iets te meten, kan ik al zeggen dat het een láng kind wordt,' bulderde dokter B, hij sloeg van pret op zijn knieën en keek daarbij veelzeggend naar Man.
Die grinnikte met al zijn twee meter een beetje schaapachtig mee.
Dus ja.
Ik voel de bui alweer hangen.
Als al die medische knakkers een beetje gaan lopen zwijgen of om de hete brei heen draaien, dan weet ik al genoeg.
Dat wordt baren met 37 weken of anders wederom een peuter werpen die zelfstandig uit de baarmoeder driewielert.
Baren met 37 weken lijkt me wel een optie.
Oh, wat zegt u?
Is dat volgende week al?
Goed.
Wat ik al zei.
Ik hoop van ganser harte dat u straks een geboortekaartje in de bus hebt.


Category: default

05 11 09 - 16:06

Marie in de prak

Gisteren, zo ongeveer op het moment dat ik dacht dat ik gek werd van de gedachte aan wat ik allemaal nog moet doen voor de bevalling -twee cartoons tekenen, luiers en voeding in huis halen, naar de kapper, benen netjes scheren, een geboortekaartje bedenken en maken, ach u weet wel, van die essentiële dingetjes- besloot Marie onder Man te komen.
Ja, nee, ik kan het niet anders zeggen.
Marie kwam onder Man.
Ze sprong tegen hem op, Man stak zijn knie uit om haar af te weren en toen was het brullen.
Ze zette natuurlijk meteen haar allerkreupelste kop op en hompelde beschuldigend door de kamer.
'Oei,' zei Man.
En hij dook schuldbewust op het beest om haar heel veterinair aan de poot te voelen.
'Krak krak,' deed het pootje.
'Hoe kan dat nou! Ik deed helemaal niks! Niks! Niks!' riep Man.
Zo'n keer of 134.
Dus. Een paar uur later zat een strompelende Octavie met een manke Marie bij de dierenarts om de hoek. Als u ons een trommel en een fluit had gegeven, waren we de Jostiband geweest.
Fotootje hier, fotootje daar, het zijn waarschijnlijk de kruisbanden, mevrouw.
Maar omdat de dienstdoende dierenarts het niet helemaal zeker wist, mochten we vandaag naar de dierenkliniek voor een speciale date met de orthopedisch chirurg.
'Orthopedisch chirurg?' hinnikte ik. Kom zeg, het is een hónd hoor.
'Jaha,' zei de dierenarts zeer serieus en ook een beetje streng. En stiekem ook een beetje alsof we het beest expres de banden kapot geschopt hadden.
Enfin.
De orthopedisch chirurg dus.
'Ach, het is een Fries Stabijtje,' kirde de chirurg en hij tilde Marie liefdevol op de behandeltafel.
Ik vroeg me af hoeveel deze diagnose me ging kosten.
Er werden nog maar wat fotootjes gemaakt, hatsekidee: niks geen kruisbanden gescheurd.
Slechts een enkeltje gebroken.
Joh.
Marie werd onder zeil gespoten, de poot werd getaped en gezwachteld en nogmaals getaped, en met een slappe dweil die ooit ons Marie'tje was, gingen we op huis aan.
'Denk er wel om dat de tape niet nat mag worden,' riep de assistente ons nog na.
En ze gebood ons om bij ieder uitje naar buiten de poot in een plastic zak te wikkelen.
Bij ieder uitje.
Poot in plastic zak.
Oja, en twee keer daags een drankje tegen de pijn.
Kortom: hier wordt niet bevallen, any time soon.
Veel te druk.




Category: default

03 11 09 - 16:41

Het hoe en waarom van niet bevallen op 1 december

Nu was ik eigenlijk van plan om op 1 december te gaan bevallen.
Zo een paar dagen voor de uitgerekende datum, leek me wel prima.
Net voor Sinterklaas en zo.
Weet u trouwens, even tussendoor, dat heel veel mensen me zeer meewarig aankijken als ik vertel dat ik rond Sinterklaas ben uitgerekend?
'Ah nee!' roepen ze dan, hun hand voor de mond slaand, 'Ah nee! Toch niet met Sinterklahaas!'
Mijn standaard antwoord is dan: 'Ja, hándig hè, met Sinterklaas! Dan hoef ik meteen geen cadeaus voor Dochter meer te kopen. Baby in een doos, strikje erom, fertig.'
Anyway.
Het kan dus niet.
1 december is uit de gratie qua bevallen.
Ik mag die dag namelijk de hele dag op mezelf gaan zitten geilen in Den Haag.
Want dan worden de Dutch Bloggies uitgereikt.
En ik ben genomineerd. Door een serieuze jury en al. Nee ja nee, echt. Kijk maar: Klik.
Hell yeah!
Who knows waar ik van beval, 1 december.



Category: default

02 11 09 - 11:31

De krotenmissie

Iedere november begint hier ten huize het schaatsseizoen. Al sinds Dochter maar enigszins kan lopen, poten we het wicht iedere zondagochtend op schaatsjes.
En ik doe echt al een paar weken heel erg mijn best om alle schaatsgedachten uit mijn hoofd te drijven, maar het mislukt. Er fladderen maar de hele tijd pesterig van die kittige witte kunstschaatsen rondjes om mijn hoofd.
'Als de baby nu eind november wordt geboren, dan kan ik misschien half december alweer naar de schaatsbaan,' zeg ik hoopvol tegen Man.
Waarop Man misprijzend zijn hoofd schudt.
'De fysiotherapeut zegt dat je minimaal drie tot zes maanden na de bevalling instabiel blijft,' herinnert hij me. 'Dus deze winter ga jij niet schaatsen.'
Ik kijk mokkend naar buiten.
Een hele winter niet naar de schaatsbaan.
En hoe moet dat nu als er natuurijs komt? Moet ik dan vanaf de kant toekijken?
Oh God, laat het een zachte winter worden anders flip ik uit mijn onderbroek.
Ik ben nogal van het principe: als ik iets niet kan, mag de rest van de wereld het ook niet.
'Ik moet eruit,' zeg ik even later tegen Man. 'Even het huis uit. Van die rotbank af.'
Man knikt en oppert om bieten te gaan jatten voor het naderende Sint Maarten.
Ja, die Man weet wel wat zijn vrouwtje gelukkig maakt! Een fijne combinatie van het betere jatwerk en modder.
Puik plan. Dochter trekt haar laarzen al aan en we rijden rondjes door de landerijen.
Nergens zien we bietenbergen. 'Misschien zijn we wat vroeg,' bedenk ik me. Zitten de bieten nog in de grond.
'Hoe zien bieten er eigenlijk uit als plant?' vraagt Man zich hardop af. De farmer.
Ik denk even na. 'Groen, waarschijnlijk,' zeg ik aarzelend. 'Met bladeren.'
Bij een veld vol planten die aan deze beschrijving voldoen, stoppen we. 'Misschien zijn ze dit wel,' zegt Man.
Ik knik. Zou zomaar kunnen. Een heel land vol groene planten.
Potdomme, zo'n bietenberg was wel een stuk handiger geweest, zeg. Daar ren je gewoon naartoe, moffelt wat van die kroten onder je armen en gooit ze zo in je achterbak.
Maar goed.
We kijken spiedend om ons heen of we nergens een boer-achtig persoon zien die ons met een riek zal achterna komen als we in zijn gewassen gaan lopen graven.
En sturen dan lafhartig Dochter het land op.
'Hup, ga jij eens kijken of er een biet onder die bladeren zit, ja,' roepen we streng, terwijl we zelf wegduiken achter het dashboard.
Ja, hoor eens, zo'n zoet mupke zullen ze toch minder snel aan de schoffel spiesen dan ons hè.
Dochter graaft wat in de klei en zie daar.
Met drie machtige knollen komt ze terug.

Wat een avontuur hè.
Bijna net zo leuk als schaatsen. Nou.
En dat van dat we Dochter alleen het land op stuurden was natuurlijk niet echt hè.
Maar dat wist u vast al wel.