De lijdende vorm en beitels in duimen / Chisels in thumbs

Dit weekend werd er aan de garderobekast getimmerd.
Ik gebruik voor deze zin bewust de lijdende vorm, ja. Dat leek me de meest passende grammaticale constructie.
Ik zal daar verder niet over uitweiden.
Iets met scheve muren, scheve deurposten, een scheef plafond en een beitel in een duim.
HADDEN WE MAAR GEEN VOOROORLOGS HUIS MOETEN KOPEN NEE.
Hoe dan ook, aan het einde van deze zondag waren we allemaal toe aan een frisse neus.
Wuivende grasjes, blauwe wolkenlucht en de heuvels van Duitsland aan de horizon. We liepen langs de bosrand, daar waar ook precies de grens ligt. Precies naast het wandelpad hebben de Duitsers een elektrisch hek gezet, Nederlandse wilde varkens mogen de heimat niet in. Also. Marie vindt dat hek een ingewikkeld concept en kruipt er steeds op makkelijke plekken onderdoor waarna ze niet meer terug kan. En maar benepen kijken hè, vanuit het Duitse bosje. Uiteindelijk komt het er altijd weer op neer dat wij ingewikkelde capriolen uit moeten halen om de prutser te remigreren.
Goed.
Na een verkwikkende wandeling gingen wij maar weer op huis aan.
Alwaar de muur nog altijd scheef was en de garderobekast nog steeds niet af.
Toch jammer.



We’re building a walk in closet, a giant ward robe, and it needs a lot of creative carpeting in our old and somewhat askew house from 1938. After a weekend of hammering, sawing and chisels in thumbs (don’t ask) we needed some fresh air. We went not far from home, where we literally walk on the German border. The sky was blue, just a hint of autumn and lovely high grass to wander in. And then we went home again. Where the house was still askew and the closet still not finished. Too bad.

Honderd strafpunten en een levensles / Week 37

Het was een verrassende week, week 37.
Waarin ik mijn grote dochter bij de plaatselijke toneelschool achterliet en zelf gezellig doorfietste naar de stad.
Waarna bleek dat de toneellessen van het arme wicht nog helemaal niet begonnen waren, pas volgende week start het nieuwe cursusseizoen.
Honderd strafpunten en een dodelijke blik vielen mij ten deel toen ik haar kwam ophalen. Aiaiai.
Gelukkig had ik nieuw haar, om mijn gemoed wat op te vijzelen.
‘Het zit wel een beetje eh…wild en zo,’ vond mijn mens aarzelend. Hij keek of hij iets zag wat zojuist ontploft was.
De kapster had het in lagen geknipt om mijn krullen beter uit te laten komen.
Ik wierp nog een snelle blik in de spiegel en vertrok toen gehaast naar school om de kinderen op te halen.
‘Oh, je bent naar de kapper geweest!’ riep de voltallige schoolpleinpopulatie, en men keek kritisch.
‘Het zit een beetje plat, is dat de bedoeling?’ zei iemand.
Nou ja zeg.
Al die dubbele signalen in deze wereld.
Zo zie je maar.
Wat voor de een wild is, is voor de ander zo plat als een pannenkoek.
Met deze wijze les wil ik dit stukje graag afsluiten.
Fijn weekend!




In week 37 I left my eldest daughter at the local drama school, not knowing that the theatre lessons hadn’t started yet. She was not amused. At all. I also had a haircut, the hairdresser tried to cut my curls more curly and it kind of worked, it looked like a giant explosion took place on my head. Wouter thought it was much too wild, but a friend however thought it was way too flat for me. Nice. Mixed signals. I tried to learn a life lesson out of it all: what seems wild for one person, can seem as flat as a pancake for the other. Try to chew that, people. Have a nice weekend!

Drukte bij De Kleine Tovenaar / A day at the children’s book shop

‘Ach, ik heb het zo druk, zo druk!’ riep De Kleine Tovenaar al een week.
De naderende kinderboekenweek, vertelfestival, ze had zich weer van alles op de hals gehaald.
En omdat ik weinig nodig heb om een hint te begrijpen, zo ben ik nu eenmaal, stond ik vanochtend om negen uur paraat in het volgestapelde boekwinkeltje, de mouwen werklustig opgestroopt.
‘Zeg maar wat ik moet doen,’ zei ik ijverig.
‘Nou kijk,’ zei De Kleine Tovenaar, ‘ik heb dus gordijnen gekocht, en die wil ik in de etalage drapereren, lijkt je dat nu niet enig?’
Ik haalde de gordijnen uit de verpakking, dik rood velours, prachtig.
Maar wel een beetje verfomfaaid.
‘Ze zijn gekreukeld,’ merkte ik dan ook op.
‘Ze moeten gestreken,’ zei De Kleine Tovenaar droogjes.
‘Oh,’ zei ik.
En ik keek daar heel schaapachtig bij.
Ik strijk namelijk niet. Dat is een principekwestie. Strijken is een volstrekt zinloze bezigheid. Ik begin daar niet aan.
Maar ja. Zoals dat dan gaat. De Kleine Tovenaar moest een hoop tetteren aan de telefoon. Er kwamen klanten. Drukdrukdruk.
En de gordijnen lagen daar maar in al hun kreukeligheid over de strijkplank te hangen en vuil naar me te kijken.
Ik wierp een blik op de Tovenaar. Die was aan het spinolen.
Zuchtend pakte ik de strijkbout.
En ik streek.
Het is niet te geloven.
Er zijn bewijzen van, speciaal voor mijn moeder.
Hoe dan ook, uiteindelijk hingen we de gordijnen op en zowaar, het was een plaatje.
En zo keurig gestreken ook hè, dat valt echt op.





My friend Nicole runs a lovely children’s book shop and she’s very busy lately, so I helped her out for some hours. She bought beautiful, red curtains which we hung up in the shop window. The building where the shop is established is very old and crooked and a little decayed, and we always have to be pretty creative for little projects like this one, but that’s just part of the fun, I think. We had some tea together and looked at our result and decided that we did a good job. It looks magical. Perfectly suiting the book store, De Kleine Tovenaar, The little magician.

Het heilige boekje / Tips and tricks for weekly drawings

Het is mijn heilige boekje geworden, de afgelopen elf weken, mijn rode Moleskine.
De beschilderde pagina’s zijn wat stijf en perkamentachtig geworden door de waterverf en de inkt, het geheel staat wijd uit als een Middeleeuws manuscript.
Als ik zo terugblader in de tijd gaat het niet zozeer om wat ik schreef maar om de hele sfeer van de pagina, alsof de letters en woorden deel zijn van het plaatje. Het gaat niet in de eerste plaats om wat er letterlijk staat, het gaat om wat het geheel oproept. Net als met herinneringen denk ik.

Mijn tips voor als je ook week- of dagtekeningen wil maken:

1. Hou het dichtbij, je kunt alleen maar het dagelijks tekenen volhouden als je onderwerpen kiest waar je echt heel blij van wordt, het verhaal komt er vanzelf bij. Zo had ik ontzettende zin om mijn vetplantjes te tekenen, ook al had ik daar niet echt iets zinnigs over te melden, je maakt betere tekeningen als je tekent waar je zin in hebt dan wanneer je jezelf iets oplegt.

2. Kleine alledaagse dingen zijn net zo waardevol als gierende hoogtepunten. Misschien nog wel waardevoller, als je later oud bent en krakerig hele dagen in een fauteuil zit.

3. Neem tijd en rust om te tekenen. Niks wat zo houterig uitwerkt als een tekening die is gemaakt omdat je het nog even snel moest doen. Het tekenmoment is jouw moment, als je geen zin hebt doe het dan niet, de zin komt wel weer.

4. Niet alles hoeft in je tekenboek. Laat het idee varen dat je een minutieus verslag moet maken van alles wat je meemaakt, dat zorgt voor stagnatie.

5. Voel je vrij. Het is jouw boekje! Helemaal alleen van jou. Je mag doen en laten wat je wil.

6. Plan je week en werk hem af. Ik teken soms iedere dag en soms drie keer per week. Voordat ik aan de eerste tekening van de week begin maak ik een hele lichte planning in mijn hoofd waar de plaatjes moeten komen en wat ik wil met grootte en verhoudingen. Als ik de week heb afgerond bekijk ik alles nog eens kritisch en maak ik er zo nodig een geheel van. Dat kan met behulp van kleur of het laten doorlopen van motiefjes of lijnen. Zo vermaal ik de week tot een totaalplaatje.

7. Technisch: zorg voor goede materialen die bij je passen en die handig zijn. Zo werk ik met fineliners die waterproof zijn (Artline Drawing system, het zwart blijft netjes zwart onder de scanner), mijn fijne aquarelverf van Van Gogh en natuurlijk de Moleskine. Moleskineboekjes hebben papier dat zuurvrij is en de pagina’s hebben een aangename crèmekleur. Het papier is dun maar de zwarte pen drukt niet door. Bovendien hebben ze een handig formaat zodat ik al mijn spullen overal mee naartoe kan nemen.

Succes!











My red Moleskine is my holy book. I love how the pages swell from the ink and watercolors, it feels like a medieval manuscript. I put together some tips and tricks if you want to draw your days or weeks too:
1. Keep it close. Draw what you want to draw, what feels right and what makes you happy.
2. Small daily things are just as valuable as big screaming highlights. Maybe even more valuable.
3. Take your time to draw. I can smell it miles away when a drawing was made too quickly or when the drawer had too little time.
4. You don’t have to draw everything. You don’t have to make a detailed report of everything you saw, you’ll stagnate, it’s not healthy.
5. Feel free! It’s your book, you can do whatever you want!
6. Plan your week and polish it off. Make a very light planning in your head of the main illustrations before you start and when you’re done for the week take a good look and see if everything is one whole. Finish it off, if necessary, with colors or lines.
7. Technical stuff: use good materials that suit you. I use water resistant fineliners by Artline Drawing system, they keep their black color while scanning, I use watercolors by Van Gogh and of course the Moleskine with acid free paper and in a comfortable size.
Good luck!

Hadden we eerder moeten doen / Painting adventures

Nu wonen we sinds augustus van dit jaar precies acht jaar in ons huis.
En acht jaar lang konden we prima leven met onze vaalgele garderobe, de groezelige hal en een voordeur waar de fabrieksverf nog op zat.
Vonden we geen enkel probleem.
Tot we in het blitz en blanke Luxemburg waren geweest.
‘Ik kan het niet meer áánzien, die smerigheid hier,’ mopperde ik tegen Man.
En ik probeerde met mijn nagel een twijfelachtig korstje van de muur te krabben.
(Ik denk dat het jam was.)
‘Het is geen gezicht,’ bromde Man terug.
En zo togen wij aan het werk.
Man rollerde de muren en het plafond, ik deed de hoekjes en de voordeur.
Drie lagen moesten op die voordeur, en tussen iedere nieuwe laag moest de boel een dag drogen.
Zat ik daar de hele dag naar zo’n net niet dekkend verflaagje te kijken. Ik werd daar heel onrustig van.
Acht jaar lang tegen een grijze fabrieksdeur aankijken was geen probleem, drie dagen met een half afgelakte deur en al mijn autisme kwam bovendrijven.
Het kan gek lopen.
Hoe dan ook, de boel knapt enorm lekker op.
Hadden we eerder moeten doen.





We whitewashed our hall this week and our cloakroom and because we couldn’t get enough of it, we also painted our front door. In the eight years that we have been living in our house, we never had a problem with our somewhat stained and dingy hall but all of a sudden we felt as if this Really Needed To Be Done. It brightens up our house, and to be honest, my spirit as wel. Out with the old, in with the new.

Dankzij Luxemburg / Week 36


We gingen naar Luxemburg-stad, mijn lieve mens en ik.
Dat had wat voeten in aarde. Eerst zouden we nog maar eens naar Berlijn gaan maar toen moest ik weer denken aan die keer dat ik ging overgeven midden op de Kurfürstendamm (bij een boompje, voor een terras, iedereen keek, ik was zwanger) en toen waren we lui en toen ineens zaten we in Luxemburg.
Het kan verkeren.
We gingen als eerste naar het Mudam, dat is het Luxemburgse museum voor moderne kunst. Daar kan ik heel boeiende en artistieke zaken over vertellen maar ik hou het bij: GA NIET.
Het was een heel mooi museum, een prachtig gebouw, maar na het bedenken van de architectuur was alle creativiteit die ze ooit in Luxemburg hebben gehad voorgoed op.
De collectie staalde op niks.



Na het Mudam zetten we ons even aan de rand van de Kirchberg om over de stad uit te kijken.
Een horizon van keurige kerktorentjes, gladgestreken huisjes en aangeharkte parkjes strekte zich voor ons uit.
In Luxemburg is alles opgepoetst.
Een gewassen en gestreken stadje.
‘Hoe kan het dat een landje dat tussen het groezelige Wallonië en het smerige Frankrijk zit ingeklemd zo netjes is?’ peinsde ik.
‘Het enige rommelige in Luxemburg zijn de toeristen,’ beaamde Man.
‘En de taal,’ zei ik.
Want in hemelsnaam, wat spréken die mensen?



Enfin. We liepen het oude centrum in. Via het viaduct van waaruit je heel hoog de diepte in kijkt, naar het riviertje de Pétrusse, langs de winkeltjes, en dan via de oude brug weer terug in een rondje.
We deden een terrasje (een heel keurige), zaten op een bankje (een strakgelakte) in de zon en keken romantisch uit over de gemillimeterde plantsoentjes in de verte.
En toen waren we wel klaar met Luxemburg.
En gingen we naar huis om de gang te sausen.
Hadden we opeens ontzettende behoefte aan.


Wouter and I went on a little trip to Luxembourg, the capital of the Grand Duchy. It’s not very far from the South of The Netherlands where we live, but we both never visited this very old town. First we went to Mudam, the museum of modern art. The building was beautiful, however the art collection was very poor, a total lack of creativity. Luxembourg is a very tidy place, all the houses are freshly painted, the streets look clean, the flowerbeds are spotless and the lawns look as if the where cut with scissors.
We didn’t feel very comfortable, no. And after a while we couldn’t bear all the tidiness anymore. And we went home to whitewash our hall.

Verzameld werk II / Collected works II

Sinds de vorige keer dat ik een post schreef over mijn I love Holland-pagina in Libelle, zijn er alweer tien verschenen.
Ik zette ze weer bij elkaar. Het ziet er zo…lekker uit, of is het niet fatsoenlijk om dat over je eigen werk te zeggen?
Ik zie dat ik in de loop van de tijd steeds meer tekst ben gaan toevoegen.
Soms twijfel ik over wat ik eerst ben; schrijver of tekenaar.
Ik vrees dat ik er nooit uit zal komen.
De eerste serie vind je hier.

Since my last blog about my I love Holland-section in Libelle ten new pages have been published already. I put them together again. It looks so…yummie. Or maybe it’s not very decent to say that about your own work:) I now see that I used more text in the new ones. Hm. Maybe I have been missing my old passion for writing a little? The first series you can find here.

De Moleskine en de dingen waarover ik niet tekende / Week 35

Uit de Moleskine van deze week. Over dat de school weer begonnen is, ik wat in de zompige tuin werkte en we op woensdagmiddag nieuwe schoenen gingen kopen voor De Grote Dochter. Want dat is mijn hobby. Jawel.
Verder stofzuigde ik deze week heel vaak mijn nieuwe vloerkleed, maar daarover besloot ik geen tekening te maken.
Het is al erg genoeg.
Ik ben verworden tot een neurotische, mopperende vloerkleedbezitter.
‘Jullie mogen vanaf nu niet meer met schoenen in de kamer,’ gebood ik de kinderen streng, ‘en er wordt niet meer op de bank gegeten en GA DAAR WEG MET DAT GLAS LIMONADE JA!’
Daarop bekeek ik eens kritisch hun lange blonde haren en overwoog om ze allebei eens duchtig te kortwieken.
Weet u wel wat blonde haren doen op de zwarte driehoeken?
Nou ja.
Ook geen tekening maakte ik over wat ik noem De Onbeantwoordbare Vragen van Het Kleine Meisje.
‘Mama, hoe groot is deze keukentafel?’
‘Mama, waarom kan er geen katoen uit een schaap groeien?’
‘Mama, hoe ziet een mandje met gaten eruit?’
Nou, ik kan u vertellen, daar gaan uw hersens op een gegeven moment wel van stomen hoor, van zulke vragen.
Kortom, het was een bewogen week.
Gelukkig is het bijna weekend.
We vieren het met een taartje.
(In de keuken, ver weg van het vloerkleed.)







Week 35 in my Moleskine diary. A week in which school started again, I did some gardening after all those weeks of rain and we went shoe shopping for the eldest daughter. I pondered on accepting a new illustration assignment and today I’m meeting my friend Kim for some tea in town. Looking forward to see her again after our summer break. This weekend it’s exactly one year ago that my Godfather passed away. I think about him (and my grandmother who died 4 months earlier) very often. They both teached me a lot about life, I’m grateful to have known them.

Peperkeek / Sugar free ginger cake

Ja, dat is nu allemaal wel leuk en aardig, die mooie taart uit de vorige post, maar ik eet dat dus niet.
Ja. Nee. Ja.
Lang verhaal.
Ik eet namelijk al anderhalf jaar geen kristalsuiker meer. Niet omdat ik denk dat dat dat een vreselijk vergif is hoor, alleen maar een beetje, maar om mijn hysterische allergieën enigszins te beteugelen.
Omdat ik ook geen koemelkproducten eet en geen fruit (ik krijg overal vreselijke bulten en dingen van, het is afgrijselijk, ziet er niet uit) blijven de baksels voor mijzelf een beetje beperkt tot eh ja, wat grijsachtige, kledderige homperige massa’s.
Behalve mijn suikervrije kruidkoek, die is nog tamelijk fotogeniek.
En lekker.
‘Die peperkoek smaakt helemaal niet naar peperkoek, maar naar eh…cake!’ riep Het Kleine Meisje met volle mond, nadat ze drie grote happen tegelijkertijd naar binnen had gepropt.
‘Het is geen peperkoek maar peperkéék,’ beaamde De Grote Dochter terwijl ze zich kalm doch doelgericht naar een tweede plak toe at.
‘Zeg, doen jullie even rustig, het is wel míjn peperkeek hè,’ gromde ik.
Hoe dan ook, u wilt vast het recept.
Geen probleem.
Doe ik voor u.

1,5 year ago I stopped eating added sugar because of my 1000 allergies. It really helps me, my allergies are reasonably quiet right now and more important: the past 1,5 years there didn’t pop up a new one. Because I don’t eat sugar and I’m allergic to dairy and fruit, the pies, cakes and cookies I bake for myself don’t look very attractive. Grey-ish, blobby and lumpy, those are quite the words to describe them. The only thing that looks pretty good is my ginger cake. The recipe: 250 grams of flour, 200 ml water, 1 egg, salt, cumminseed powder, aniseed, cardamon, two spoons of apple syrup. Mix everything and bake it in a preheated oven on 170 degrees celsius for 40 minutes.

Mooie taart / Pretty cake

Ik dacht, laat ik nog eens iets bakken.
Een mooie taart. Want daar houd ik zo van, van mooie taarten.
Als ik bij de bakker sta kan ik uren naar de vlaaien- en taartenafdeling staren, gewoon omdat ik het zo mooi vind. Al dat glimmende glazuur en die weelderige slagroom. Glanzend fruit. Romige creme.
Ik maakte een heel eenvoudige taart die snel klaar is. De bodem is van biscuitdeeg en als die eenmaal uit de oven is kun je erop doen wat je maar wil.
Ik koos voor dikke Griekse yoghurt en bosbessen, maar aardbeien, pruimen of rode bessen kunnen er ook op. In plaats van Griekse yoghurt kun je custardpudding gebruiken of kwark.

Recept biscuitbodem:
150 gram suiker
5 eieren
150 gram bloem
Beetje zout

Mix de eieren met de suiker en het snufje zout totdat je een heel luchtig mengsel hebt.
Spatel er dan de 150 gram bloem voorzichtig doorheen.
Bak de bodem 40 minuten in een voorverwarmde oven op 160 graden.
Vervolgens lepel je de Griekse yoghurt erop en smeert deze mooi uit.
Verdeel het fruit erover en klaar.
Eet smakelijk!

I love pretty cakes. I made a really simple but very pretty sponge cake with thick yoghurt and fresh blue berries. The recipe: mix five eggs with 150 gram sugar. Gently add 150 gram flour and stir it real carefully. Bake for 40 minutes on 160 degrees Celsius. Put on the yoghurt and the blueberries (or strawberries or prunes) and that’s all. Bon appétit!