Briefjes aan mezelf

We halen de boekenkasten leeg om de muur te kunnen schilderen.
Uit een van mijn boeken dwarrelt een briefje, een klein stukje ruw afgescheurd papier.
Ik raap het op.
En lees het glimlachend.
Al jaren schrijf ik nu en dan briefjes aan mezelf. Ik stop ze in boeken, achter een plint, op geheime plekjes die ik acuut weer vergeet.
Voor mijn latere zelf.
Nooit eerder vond ik er een terug.
Vandaag wel.
Ik kreeg de groeten van een middelbare school-Octavie.

Kauw en lentebloesem

De mooiste beelden komen vaak als ik niks doe. Plopplop, vanzelf in mijn hoofd.
Geen kant en klare plaatjes, maar vloeiende bewegingen.
In bed, vlak voor ik in slaap val zie ik een kleurige stroom voorbij trekken, met af en toe een herkenbaar beeld erin.
Dat beeld moet ik vangen, anders vliegt het weg, met de dromen de nacht in.
‘Kauw en lentebloesem,’ mompel ik dan tegen Man.
‘Hmm?’
‘Morgen moet je tegen me zeggen dat ik een kauw en bloesem moet schilderen.’
‘Hmm.’
En ‘s ochtends, als zijn wekker is gegaan, vlak voor hij de buitenbedse kou instapt, en hij mij een zachte kus in mijn nek geeft, fluistert hij iets in mijn oor.
‘Kauw en lentebloesem.’

Een heel verhaal over Paastoestanden en hoe ik eieren batikte

Het was me een weekje.
Het begon ermee dat Man de Grote Dochter het paasverhaal vertelde. Palmpasen, de intocht in Jeruzalem, de jaloerse koning, het laatste avondmaal, Judas, de apostelen, het hele zaakje.
Ja, het heidense wichtje moet volgend jaar de communie doen, in een net kleedje en met een bloemenkransje, ik verheug me nu al, dan is het toch handig dat ze er iets van weet, van de materie.
‘De apostelen, dat waren Jezus’ vrienden,’ vertelde Man.
De Grote Dochter luisterde aandachtig.
‘Ach, dat waren heel gewone jongens hoor, ene deed iets met computers geloof ik. Ze hadden ook allemaal baarden, dat was hip in die dagen.’
Een dag later controleerden we overigens op onopvallende wijze wat er van het hele verhaal was blijven hangen.
‘Wat vieren we ook alweer met palmpasen, lieverd?’ vroeg ik subtiel.
Een hoofdje als een botsauto viel mij ten deel.
Ja, daar doe je het allemaal voor.
Dat wordt nog wat, die hele communie.
‘Ne boze m’neer pestoor wordt dat.
Wat het heidense wichtje overigens wel ontzettend interessant vond deze week was de broedmachine in de klas.
Ach, die kuikentjes, die kúikentjes! De hele dag werd er over kuikentjes gezaagd.
‘Er is een kuikentje en die heeft klem gezeten in het ei, mama,’ was het op een dag.
‘Oja?’
‘Ja, die loopt heel gek, met een pootje in zijn nek.’
Dochter trok haar ene been op, zo hoog als ze kon en struikelde zo onhandig een paar stappen door de keuken. ‘Zo loopt hij.’
‘Hahaha!’ deed ik. ‘Hahahaha!’
Maar dat leverde me een boos gezicht op.
Het arme kuiken, hoe durfde ik zo te lachen.
Ja, we kunnen wel stellen dat de kuikentjes heilig waren.
En niks onthouden van het paasverhaal hè.
Sodom en Gomorra hier.
Maar ik maakte wel mooie eieren.
Dat is toch nog wat tenminste.

(Uit: Leven met het jaar, Kutik en Ott-Heidmann)

Landleven

Het Moestuinkabouterpakket staat in Landleven.
Weet u, tussen ons gezegd, De Viltster en ik kunnen nog wel eens op elkaar knoteren.
Dan vliegen de Limburgse scheldwoorden over tafel en lopen we rood aan van het schetteren en dan kijken de mensen om ons heen een beetje verschrikt op.
Dat komt van de spanning en de drukte.
En omdat we nu eenmaal graag snoteren en allebei een ego hebben waar je niet overheen kan gapen, nu ja, De Viltster natuurlijk iets groter dan dat van mij, en enfin, u kent het wel.
Hee, wij zijn ook maar mensen hè.
Oh, gooide ik nu ons lieflijke kabouterimago in duigen?
Nou ja.
Maar als we dan onze Wampus in Landleven zien staan, op het allerlaatste nippertje mochten we beeldmateriaal aanleveren want de redactie vond het zó leuk, dan zijn we trots.
Ojongojongojong.
Wat zijn wij trots.
En dan houden we misschien wel voor vijf minuten onze monden toe.


Woensdag

Ik kan nog maar moeilijk wennen aan mijn nieuwe site, ik mis mijn archieven en mijn vertrouwde omgeving.
Bovendien schrijf ik elders, veel over kabouters, en zit mijn hoofd vol met nieuwe plannen.
De verhaaltjes hier komen wel weer, over een poos of misschien wat eerder.
Tot die tijd moet u het doen met wat dagelijkse foto’s.