‘Oma, oma, gaan we nu dan schilderen?’
De Grote Dochter verheugt zich al het hele weekend op een schilderles van oma A.
‘Dat is goed,’ zegt oma.
Samen zetten ze alles klaar. De verf gaat op twee bordjes, oude kleren aan, penselen uitzoeken.
Oma A doet een Vrije kunstopleiding en legt geduldig van alles uit.
‘We gaan zomaar schilderen, iets dat niks voorstelt. Alles kan en alles mag.’
Ze sleept de schildersezel naar het midden van de werkkamer en Dochter installeert zich met rode wangen op de hoge kruk.
‘En als je straks klaar bent, dan is het altijd mooi, hoe het er ook uitziet, want jij hebt het gemaakt,’ benadrukt oma rustig.
‘Jajajajaja,’ mompelt De Grote Dochter.
Ik geef haar gauw een kus en vertrek.
Soms is mijn creativiteit een te zware last voor haar, mijn tere kind.
Als ik na een uurtje of wat de kamer weer binnenkom, tref ik een grommend meisje aan.
Ik pak haar vast, ze schudt haar hoofd, keer op keer.
‘Neeneenee. NEE!’
Ik aai haar haar.
Ze huilt.
Helemaal leeggeschilderd.
Daar op dat doek, daar zit haar ziel.



Wat een prachtige ziel!
Mooi. Vooral die laatste foto. Erg mooi.
Wow!
Och, ze heeft er rozige wangen van. Mooi meiske.
Wat snap jij het toch goed, zó fijn voor je meiske!
En wat een práchtige ziel.
Wat ontroerend mooi.
Prachtig… Meisje, ziel en schilderij. En oma.
Wat ontzettend mooi!!!!