Deze week liep ik een beetje verdwaasd door het huis. Ziel onder de arm, wilde blik in de ogen, geen haar maar strooi op de kop van alle stress. De afgelopen twee maanden heb ik ieder vrij moment aan het nieuwe kabouterpostpakket gewerkt maar dinsdagavond is de hele mikmak naar de vormgever gegaan. En toen stond ik daar: de kroontjespen in de vingers, de inkt nog nadruipend op de vloer, ogottegottegot, wat moest ik dan nu aanvangen. Iets met zwart gat en aanvliegende leegte.
Gelukkig duurt dat bij mij nooit zo lang.
Dus vanochtend bond ik mij mijn verfscholk voor en maaide wat in mijn reusachtige verfpottencollectie.
‘We gaan naar de wei,’ zei ik tegen Het Kleine Meisje.

Die stal van ons, die stond al een jaar of twee zo half afgeschilderd mij aan te gapen. Dat was geen gezicht. Ik friste de kozijntjes wat op. Dat was zo gedaan. En toen, toen deed ik iets…



…tja, toch weer iets kabouterigs dus. Maar oeh jong, wat ziet dat er olijk uit.
Daarna plukten we de aardbeien…


…en bekeken de bramen.

En zat er in de brievenbus een geheimzinnig postpakket.
Het was gericht aan Wampus, maar ik mag dat openmaken hè, als directrice van de kabouterfabriek.
Jawel.

U ziet het, al zou ik het willen, die kabouters gaan me niet uit het lijf.
Het Moestuinkabouterseizoen is inmiddels mooi afgesloten (zie www.dekabouterfabriek.nl voor onze bijzondere actie) en ik kan u verheugd mededelen dat ons nieuwe kabouterpostpakket vanaf 15 augustus verkrijgbaar is.
15 augustus, dat is al kei-rap mensen.
Nog maar evekes geduld.
(En als u een web- of boekwinkel, school, of culturele dinges bent en op de mailinglijst wil voor een vooraankondiging eind deze maand, mailt u me dan even via octaviemailt@octaview.nl)
Wat ik deed met de stal
2